
A1: Communiceren heb ik bij 1 neergezet. ik denk zelf dat ik daar flink in tekort kom en ook presenteer ik niet graag. Wel is er ruimte voor verbetering. Als we een opdracht hebben en niemand wilt presenteren wil ik het vaak wel doen omdat ik er zelf ook heel graag beter in wil worden.
A2: Samenwerken heb ik bij 3 neergezet omdat als wij opdrachten hebben met een groep maak ik ze wel altijd. ook zorgvuldig en communiceer goed.
A3: Ik heb hier 3 gekozen omdat ik denk dat ik best goed met technologie kan omgaan. Ik heb meestal geen hulp nodig en als ik dat nodig heb vraag ik die ook.
A4: Ik heb deze op 2 gezet. Er is zeker nog verbetering, ook met het voorbereiden. Dat merk ik bijvoorbeeld ook met een PO voor school. Ik ben niet goed in het vinden van goede bronnen.
A5: Reken en wiskundige vaardigheden. In dit geval gaat het over tabellen en grafieken. Die kan ik goed aflezen en kan ze goed maken. Daar heb ik totaal geen moeite mee. Daarom heb ik hem op 3 gezet.
A6: Analytisch denken heb ik op 2 gezet. Ik gebruik geen lijst maar daarboven zit ik ook weer niet dus heb ik 2 aangekruist.
A7: Kritisch denken. Ik denk zelf dat ik daar best goed in ben. Daarom heb ik daar 4 gekozen.
A8: Ik had hier eerst staan maar ik heb toch 3 aangekruist. Dat komt omdat in de tabel waar staat wat je hebt staat dat je bij 4 zeer systematisch bent. Ik denk dat ik dat totaal niet ben.
E7: Omgaan met anderen heb ik een 3 gezet. Ik vind het niet moeilijk en het lukt gewoon op bijna alle onderdelen. Ik weet zelf alleen niet zo goed welke niet.